van het bestuur

Bestuursleden

Dhr. mr. R.A. Korver, voorzitter

Mw. mr. M.A.J. Kubatsch, secretaris
Mw. mr. S. van Schaik, penningmeester
Mw. mr. A.M.A.H. Goes, bestuurslid

Mw. mr. D.J. van der Bij, bestuurslid

Mw. mr. E.M. Diesfeld, bestuurslid

Mw. mr. M. Bruins, bestuurslid

Statuten

Stichting Landelijk Advocaten Netwerk Zeden Slachtoffers (LANZS)

Oprichtingsdatum 14 december 2007


Naam en zetel
Artikel 1  
1 De Stichting draagt de naam: LANZS, hetgeen een afkorting is voor Landelijk Advocaten Netwerk Zeden Slachtoffers 
2 Zij heeft haar zetel in de gemeente Utrecht

Doel
 
Artikel 2  
1 De heeft ten doel:  
a. Het verbeteren van de (rechts)positie van slachtoffers van zedenmisdrijven 
b. Het behartigen van de belangen van advocaten van slachtoffers van zedenmisdrijven in het algemeen en meer in het bijzonder van advocaten die geplaatst zijn in het register als bedoeld in lid 2 sub f van dit artikel  2 De stichting tracht haar doel onder meer te verwezenlijken door 
a)         creëren landelijke register als bedoel onder artikel 2 lid 1 sub a
b)         creëren van een website
c)         promotie/publicatie
d)         symposia, congressen, cursussen e.d.
e)         deelname aan diverse overleggen
f)          Het creëren van een voor het publiek toegankelijk register van 
         advocaten die zich
 hebben gespecialiseerd in het bijstaan van
         slachtoffers van zedenmisdrijven
g)         Het verzorgen van deskundigheidsbevordering van de 
          advocatuur, Rechterlijke
 Macht en Openbaar Ministerie met
          betrekking tot bijstand aan slachtoffers van
         
          zedenmisdrijven
h)         Problemen van slachtoffers van zedenmisdrijven bij het grote
         publiek als de 
politiek onder de aandacht te brengen
i)           Te ijveren voor betere financiering van rechtsbijstand aan 
          slachtoffers van 
Zedenmisdrijven.
j)       Het voorlichten van het grote publiek, politie en Justitie en          Rechterlijke Macht en politiek, omtrent de activiteiten van de
         Stichting en de 
advocaten die zijn opgenomen in het register
         als bedoeld onder 1. 
        

Vermogen
 
3. De stichting beoogt niet het maken van winst.
Artikel 3 
 
1 Het vermogen van de stichting kan worden gevormd door:  
a. bijdragen van hen, die met het doel van de stichting sympathiseren;
b. bijdragen van hen in wier belang de stichting werkzaam is;
c. subsidies;
d. erfrechtelijke verkrijgingen en schenkingen;
e. opbrengsten van activiteiten van de stichting;
f.  giften ;
g. alle andere baten. 
2. Nalatenschappen worden door de stichting slechts aanvaard onder het voorrecht van  boedelbeschrijving. 

Bestuur (samenstelling en benoeming)
 
Artikel   
1. Het bestuur van de stichting bestaat uit ten minste drie leden. Het aantal leden wordt   - met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde - door het bestuur met algemene stemmen vastgesteld. 
2. De bestuursleden worden door het bestuur benoemd. 
3. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een  penningmeester. De functies van secretaris en penningmeester kunnen ook door één persoon worden vervuld. 
4. Een bestuurslid wordt benoemd voor een periode van maximaal 5 jaar. Het bestuur stelt een rooster van aftreden op. Bestuursleden kunnen zich na aftreden opnieuw verkiesbaar stellen.  
5. Na het ontstaan van een vacature, zal het bestuur daarin zo spoedig mogelijk voorzien. 
6. Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook een of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het enige overblijvende bestuurslid niettemin een geldig bestuur, onverminderd het bepaalde in artikel 11.  
7. De leden van het bestuur genieten als zodanig geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte en door het bestuur goedgekeurde kosten. 

Bestuursvergaderingen en bestuursbesluiten
 
Artikel 5  
1. De bestuursvergaderingen worden gehouden in de gemeente waar de stichting haar  zetel heeft; met instemming van alle bestuursleden kan een vergadering ook elders worden gehouden. 
2.  Ieder jaar wordt ten minste één vergadering gehouden. Het bestuur kan zoveel  vaker bijeenkomen als zij dat zelf wenselijk acht.    
3.  a. Vergaderingen zullen voorts steeds worden gehouden wanneer de voorzitter dit  wenselijk acht of indien een der andere bestuursleden daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt. 
b. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten. 
c. Aan een verzoek als sub b bedoeld wordt geacht geen gevolg te zijn gegeven indien de vergadering niet binnen drie weken na het verzoek wordt gehouden. 
4. De oproeping tot de vergadering geschiedt - behoudens het in lid 3 letter b bepaalde   - door of namens de voorzitter, ten minste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van oproepingsbrieven. 
5. De oproepingsbrieven vermelden, de plaats en tijdstip van de vergadering en de te behandelen onderwerpen. 
6. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter; bij diens afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan. 
7. Van hetgeen besproken en besloten is in de vergaderingen worden notulen  opgemaakt door de secretaris of door een der andere aanwezigen, door de voorzitter der vergadering daartoe aangezocht. De notulen worden in de volgende vergadering   door het bestuur vastgesteld en ten bewijze daarvan door de voorzitter en secretaris ondertekend. 
8  a. Het bestuur kan ter allen tijde ook zelf ontslag nemen. Het bestuurslid doet dit door het bestuur per aangetekende brief in kennis te stellen van zijn ontslagname. 
b. De vergadering kan slechts besluiten nemen indien de meerderheid van de in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Besluiten kunnen slechts worden genomen met betrekking tot geagendeerde onderwerpen. 
c. Indien echter ter vergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen. 
d. Een bestuurslid kan zich ter vergadering door een schriftelijk daartoe gevolmachtigd medebestuurslid laten vertegenwoordigen. Een bestuurslid kan slechts voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden. 
e. Indien in een vergadering als sub a bedoeld het vereiste aantal bestuursleden niet aanwezig of vertegenwoordigd is, zal, niet eerder dan twee weken maar niet later dan vier weken na de eerste vergadering, een tweede vergadering worden gehouden waarin over de voor de eerste vergadering geagendeerde onderwerpen kan worden besloten ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde bestuursleden.
 9 Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden hun stem schriftelijk voor het voorstel hebben uitgebracht. Een dergelijk voorstel dient schriftelijk te worden gedaan. Van een aldus genomen besluit wordt, onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden, door de secretaris een relaas opgemaakt,   dat na medeondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd. 
10 Ieder bestuurslid heeft recht tot het uitbrengen van één stem.     Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van uitgebrachte stemmen.  Een lid mist stemrecht over zaken die dat lid persoonlijk betreffen en wordt terzake van een desbetreffend voorstel niet meegeteld ter vaststelling of aan de eis van artikel 5 lid 8 letter a (het quorum) is voldaan. 
11 Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of een der stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. 
12 Blanco en ongeldige stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. Degenen die blanco of ongeldig hebben gestemd blijven meetellen voor het quorum. 
13 Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel omtrent de uitslag der  stemming is beslissend. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats wanneer de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet      hoofdelijk of schriftelijk is geschied, één stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke     stemming. 

Bestuursbevoegdheid
 
Artikel 6  
1. Het bestuur is belast met het besturen van de Stichting. 
2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot  verkrijging, vervreemding en het bezwaren van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt, tenzij daartoe besloten is met een meerderheid van drie/vierde der stemmen in een vergadering waarin alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn. 
3. Indien in een vergadering als in het vorige lid bedoeld niet alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal, niet eerder dan een week en niet later dan  vier weken na de eerste vergadering, een tweede vergadering worden gehouden waarin over het desbetreffende onderwerp kan worden besloten met een meerderheid van drie/vierde der stemmen mits ter vergadering ten minste de helft van het aantal   in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. 

Vertegenwoordiging
 
Artikel 7  
1. De stichting wordt vertegenwoordigd door het bestuur of door de voorzitter en de secretaris gezamenlijk. 
 2. Aan de penningmeester kan door het bestuur beperkte of algehele volmacht worden gegeven voor zover het de uitoefening van diens taak betreft. 
3. De beperking van de bestuursbevoegdheid in lid 2 van het vorige artikel geldt mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging. 
4. De in het vorige lid vermelde beperking kan slechts door de stichting worden ingeroepen. 

Einde bestuurslidmaatschap; schorsing
 
Artikel 8  
1. Het bestuurslidmaatschap eindigt: door overlijden van een bestuurslid, door verstrijken van de mogelijkerwijze vastgestelde duur der benoeming, door aftreden volgens rooster, door verlies van het vrije beheer over zijn vermogen, door schriftelijke ontslagneming met inachtneming van een redelijke termijn en door ontslag door de rechtbank op grond van artikel 298 Boek 2 van het Burgerlijk   Wetboek. 
2. Een bestuurder kan voorts worden ontslagen door een besluit van de overige bestuursleden. Indien slechts twee bestuursleden in functie zijn, kan een dergelijk besluit niet worden genomen.   Indien drie bestuursleden in functie zijn dient het besluit met algemene stemmen van  de overige bestuursleden te worden genomen.   Zijn meer dan drie bestuursleden in functie dan behoeft het besluit een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen van de overige bestuursleden. Het betrokken bestuurslid wordt vooraf in de gelegenheid gesteld over het voorgenomen besluit te worden gehoord. 
3. Een bestuurslid kan worden geschorst bij besluit van het bestuur. Het besluit kan slechts worden genomen in een vergadering waarin ten minste twee/derde van het aantal in functie zijnde bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd is. De schorsing die niet binnen tien dagen is gevolgd door ontslag vervalt na verloop van die termijn.  

Boekjaar, jaarstukken en begroting
 
Artikel 9  
1 Het boekjaar van de stichting is het kalenderjaar. 2 Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de rechtspersoon en alles   betreffende de werkzaamheden van de rechtspersoon, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de rechtspersoon   kunnen worden gekend. 
3. Het bestuur is verplicht jaarlijks binnen drie maanden na afloop van het boekjaar de  balans en de staat van de baten en lasten van de stichting te maken en op papier te stellen. Deze stukken worden tezamen ook genaamd "jaarstukken". 
4. De jaarstukken als in het vorige lid bedoeld worden door het bestuur vastgesteld en ten bewijze daarvan door alle bestuursleden ondertekend. Indien een handtekening ontbreekt wordt de reden daarvan op het desbetreffende stuk vermeld. Het bestuur is   bevoegd van de jaarstukken een accountantsrapport te doen opmaken. 
5. De vaststelling dechargeert de penningmeester, behalve voor hetgeen niet uit de boeken blijkt. 
6. Het bestuur is verplicht de in lid 2 en 3 bedoelde boeken, bescheiden en andere  gegevensdragers zeven jaren te bewaren. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de   overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave der gegevens en deze gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt. 
7. Indien zulks als voorwaarde voor subsidieverlening gesteld wordt, worden de jaarstukken ter kennisneming toegezonden aan de subsidiërende organisatie of  instelling. 
8. Jaarlijks, zo mogelijk vóór de afloop van het lopende boekjaar doch uiterlijk een maand na het begin van het nieuwe boekjaar stelt het bestuur de begroting met betrekking tot het nieuwe boekjaar vast. 

Reglement
 
Artikel 10  
1. Het bestuur is bevoegd een reglement vast te stellen, waarin die onderwerpen worden geregeld, welke niet in deze statuten zijn vervat. 
2 ..Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn. 
3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of in te trekken. 
4. Voor besluiten tot vaststelling, wijziging of intrekking van het reglement is een meerderheid van twee/derde vereist. 

Statutenwijziging
 
Artikel 11  
1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van drie/vierde der stemmen in een vergadering waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zonder dat in het bestuur enige vacature bestaat. 
2. Indien in een vergadering als in het vorige lid bedoeld het vereiste aantal bestuursleden niet aanwezig of vertegenwoordigd is, kan na twee weken maar uiterlijk binnen vier weken na de eerste vergadering een tweede vergadering worden gehouden waarin over het desbetreffende onderwerp met drie/vierde der stemmen kan worden besloten mits ter vergadering ten minste de helft van de bestuursleden  als in lid 1 bedoeld, aanwezig of vertegenwoordigd is. 
3. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. 
4. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de akte van wijziging, alsmede zo nodig de doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het handelsregister. 

Ontbinding en vereffening
 
Artikel 12  
1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 11 lid 1 en 2 van overeenkomstige toepassing. 
2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voor zover dit ter vereffening van haar vermogen nodig is. 
3. De vereffening geschiedt door het bestuur; het bestuur is echter bevoegd een of meer vereffenaars te benoemen. 
4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat de ontbinding van de stichting wordt ingeschreven in het handelsregister. 
5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten en het eventuele reglement van kracht. 
6 Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt zoveel mogelijk besteed overeenkomstig het doel van de stichting, te bepalen door het bestuur. 
7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken gedurende zeven jaren berusten onder de jongste vereffenaar. 
Artikel 13   
In alle gevallen, waarin noch de wet noch de statuten of verdere reglementen
 voorzien, beslist het bestuur.                            
Eerste bestuur e.d.
 
Tenslotte verklaart de comparant 
a. Voor de eerste maal worden tot bestuurders van de stichting benoemd:- tot voorzitter:Agathe van Bon Moors;- tot secretaris: Marjanne Kubatch;- tot penningmeester: Simone van Schaik;- tot gewoon bestuursleden worden benoemd: - Gerda van Dijk;- Richard Korver; 
b. het eerste boekjaar loopt tot en met eenendertig december tweeduizendenzeven; 
c. het adres der stichting is: Newtonlaan 53, 3554 BP te Utrecht  Slot akte

__________